|
Internet Next Generation
is de naam van de nieuwe generatie Internet, een breedbandige technologie
die binnen twee jaar beschikbaar is. Het ministerie van Economische
zaken stimuleert de technologie middels het project Gigaport. De
haven van Rotterdam zou haar reputatie geweld aandoen als ze tegen
die tijd niet, al was het maar deels en wellicht nog experimenteel,
op de nieuwe techonologie was voorbereid. Vandaar dat begin juni
het project Virtuele Haven van start is gegaan. Port
CommunITy Rotterdam, het overslagbedrijf ECT, automatiseerder CMG
en de bank ABN AMRO hebben hiermee het initiatief genomen voor een,
door de Erasmus Universiteit en het Telematica Instituut Twente
ondersteund, uitgebreid onderzoek naar de kansen van de nieuwe Internet-technologie
voor de Rotterdamse haven.
We willen de haven van Rotterdam optimaal laten profiteren
van de voordelen van de nieuwe Internet-generatie, zegt drs.
Hedda M. van Raalte, die door Port CommunITy
Rotterdam is aangesteld als projectmanager van Virtuele Haven.
De als econoom geschoolde Van Raalte had al een loopbaan in de Rotterdamse
haven achter de rug onder meer bij Nedlloyd toen ze
zich enkele jaren geleden als zelfstandig organisatieadviseur vestigde,
gespecialiseerd in processen op het raakvlak van logistiek en informatica.
Port CommunITy Rotterdam, kantoor houdend op de zevende verdieping
van het Vopakgebouw aan de rand van het Park en de oever van de
Nieuwe Maas, is een stichting die in 1996 is opgericht en wordt
bestuurd door het Gemeentelijk Havenbedrijf, de Douane en het door
de SVZ vertegenwoordigde Rotterdamse bedrijfsleven. Het doel van
de stichting is het stimuleren van informatieuitwisseling tussen
bedrijven, zodat Rotterdam in alle opzichten een haven blijft waarin
het prettig binnenvaren is en men efficiënt zaken kan doen.
Dat betekent dat de informatietechnologie waarmee in wereldhaven
nummer één wordt gewerkt zoveel mogelijk state-of-the-art
moet zijn, de laatste ontwikkelingen volgend.
Informatie
In een sterk concurrerende omgeving wordt elektronische berichtenuitwisseling
voor de Rotterdamse haven met de dag belangrijker. Het is de enige
manier om de snel groeiende goederenstroom en de steeds ingewikkelder
logistieke ketens in goede banen te leiden. De 20.000 midden- en
kleinbedrijven in de Rotterdamse haven ontbreekt het echter vaak
aan de tijd, kennis en capaciteit om te investeren in nieuwe technologieën.
Toch zijn deze bedrijven onmisbare schakels voor het realiseren
van de informatiehaven, waarmee Rotterdam haar leidende
havenpositie in Europa kan handhaven.
Vandaar dat Port CommunITy Rotterdam onder meer als doel heeft de
informatie-uitwisseling bij bedrijfsoverschrijdende processen te
stimuleren. Over het algemeen blijken de bedrijven in de Rotterdamse
haven binnen hun eigen omgeving de automatisering wel voor elkaar
te hebben, maar er doen zich haperingen voor zodra het aankomt op
communicatie tussen de bedrijven onderling, zegt Hedda van
Raalte. Ze hebben daar individueel meestal weinig geld voor
over. De rol van Port CommunITy Rotterdam is dan het faciliteren
en stimuleren van projecten waardoor die communicatie toch tot stand
komt.
Enkele producten die Port CommunITy Rotterdam in de drie jaar van
haar bestaan al heeft voortgebracht zijn de Cargocard die
de identificatie vereenvoudigt van chauffeurs die zich bij de containerterminals
melden en EDI-land, waarvan Hedda van Raalte ook projectmanager
is geweest. EDI-land is opgezet om de informatie-uitwisseling
voor het transport van maritieme containers naar het achterland
van de Rotterdamse haven te standaardiseren, legt de projectmanager
uit. Het gaat dan om communicatie tussen de diepzeerederijen
en de vervoerders naar het achterland, de weg- en spoortransporteurs
en de binnenvaart. De communicatieketen wordt gesloten door de terminals
in het achterland. Het is een heel proces geweest om de daarbij
benodigde berichten te standaardiseren en vast te leggen in een
handboek. De functionele en technische specificaties zijn nu te
downloaden van onze Internetsite. Een aantal partijen maakt er al
gebruik van en het is de bedoeling dat zich dat verder uitbreidt.
Hedda van Raalte: We merkten dat de rederijen en de grote
terminals wel berichten kunnen versturen maar dat een wegtransporteur
vaak zelf geen systeem heeft en dus aan iets vervangends moest worden
geholpen. Hiervoor hebben we een Webapplicatie W@VE
(Webapplicatie electronische voormelding) gemaakt. Wanneer die transporteur
zich nu aanlogt op het Internet kan hij een formulier ophalen, waarop
zijn transportopdracht staat. Hij hoeft dan alleen maar het tijdstip
in te vullen, waarop hij verwacht de container af te leveren of
komt ophalen. Daarmee is een voormelding gedaan, die er bij de terminal
uitkomt als een elektronisch bericht dat meteen in het eigen planningsysteem
kan worden geïntegreerd. In aansluiting hierop is er een ander
lopend project van Port CommunITy Rotterdam: het mobiel voormelden
van containers bij terminals (MobiEDIc). Nu kan de chauffeur de
informatie van W@VE
nog vanuit de truck aanpassen via zijn mobiele telefoon als het
nodig is (bijvoorbeeld hij staat in een file en haalt het voorgemelde
tijdstip niet.
En nu dan het project Virtuele Haven, op gang gebracht
door de in aankomst zijnde nieuwe Internet-generatie. De Nederlandse
overheid heeft grote verwachtingen van dit breedbandige netwerk
en wil ons land internationaal op de kaart zetten als koploper in
de verdere ontwikkeling van GigaPort voor onder meer e-commerce
en m-commerce. Het ministerie van Economische Zaken stimuleert GigaPort
dan ook met een investering van 122 miljoen in het kabelnetwerk
en nog eens zon 23 miljoen voor de applicaties die gebruik
maken van het netwerk. Het is de bedoeling dat met de applicaties
zoveel mogelijk projecten worden opgezet, die gebruik kunnen maken
van de nieuwe infrastructuur. Die projecten krijgen de Gigaport-projectstatus.
Ook voor Virtuele Haven is die status hoogstwaarschijnlijk
weggelegd.
Het huidige Internet is eigenlijk ontwikkeld voor consumenten
onderling, zo legt Hedda van Raalte het ontstaan van GigaPort
uit. Als ik naar u een e-mailtje wil sturen is het niet zo
erg wanneer mijn groet u niet om drie uur vanmiddag bereikt maar
pas om vijf uur. Sterker nog: als mijn groet u toevallig helemaal
niét bereikt is er nog niets ernstigs aan de hand. De wereld
vergaat dan niet. Maar op de zakelijke markt is het wel degelijk
van belang dat een bericht áánkomt als je het verstuurt.
Die zekerheid heb je met het huidige Internet nog niet, of je moet
een afspraak gemaakt hebben, dat er meteen een bericht van ontvangst
wordt teruggestuurd. Een tweede negatief punt van het huidige Internet
is dat het vrij gemakkelijk is om berichten van anderen te onderscheppen.
Vandaar dat partijen bilateraal afspraken zijn gaan maken hoe ze
met beveiliging omgaan. Maar je hebt in de havenwereld nu eenmaal
te maken met een helebóel relaties met rederijen,
cargadoors, stuwadoors, transporteurs, terminals, noem maar op.
Dat betekent dat er ook een hele reeks van afspraken nodig is om
veilig via het Internet te kunnen communiceren.
De nieuwe generatie Internet is er echter mede op gericht dat de
beveiliging in de netwerkinfrastructuur kan worden ingebouwd. Bovendien
is er zekerheid over de aankomst van de berichten.
Van Raalte: Bij het project Virtuele Haven gaan
we bekijken hoe we de beveiliging en zekerheden op een gestandaardiseerde
manier in het nieuwe Internet kunnen integreren. Het nieuwe netwerk
is ook veel beter dan het huidige geschikt voor het transport van
videobeelden en spraak. Het biedt zo de mogelijkheid om partijen
met geringe investering deel te laten nemen aan het EDI-berichtenverkeer
dat momenteel via de traditionele netwerken verloopt.
De projectdeelnemers van Virtuele Haven gaan het GigaPort-netwerk
vanaf eind dit jaar gebruiken om de nieuwe technologieën in
de praktijk te testen. Van de concrete resultaten worden de belanghebbenden
in de Rotterdamse haven voortdurend op de hoogte gehouden, zodat
ze er hun voordeel mee kunnen doen in lopende en op stapel staande
projecten. Behalve het mobiele voormelden van containers bij terminals
is dat ook de ontwikkeling van webapplicaties voor informatie-uitwisseling
tussen spooroperators. Voorts staan de elektronische verificatie
van financiële transacties en een neutraal platform voor de
papierloze overdracht van handelsdocumenten op de projectenlijst
van Virtuele Haven.
Showcases
Dit hele project loopt een á twee jaar, zegt
Hedda Van Raalte, maar we willen niet dat er pas na twee jaar
resultaten beschikbaar zijn. Vandaar dat er parallel aan het project
Virtuele Haven die paar toepassingen lopen, die we gebruik
willen laten maken van de nieuwe infrastructuur. Daarmee kunnen
we ook werkelijk aan het bedrijfsleven laten zien hoe het werkt.
Alle negen maanden de eerste keer in maart of april 2001
wil de projectgroep Virtuele Haven sessies houden,
waarin men met showcases komt. De onderwerpen ervan moeten echter
nog worden bepaald. Hedda van Raalte geeft het voorbeeld van het
elektronisch aangifte doen bij de Douane: hoe gaat het nu en hoe
kan het zo meteen met gebruik van de nieuwe Internet-technologie.
Op de veronderstelling dat het bedrijfsleven Virtuele Haven
wel juichend zal omhelzen en trappelend van ongeduld en reikhalzend
uitziet naar nader nieuws, laat projectleider Van Raalte eerst een
lichte zucht horen. Dan zegt ze: De havenwereld is altijd
afwachtend, vrij behoudend. En zou men wellicht de neiging hebben
om te juichen, dan houdt men zich toch nog in. Mijn ervaring is
dat men zich met name in de transportwereld eerder afvraagt wat
iets vandaag oplevert dan wat er morgen van te verwachten valt.
Ze hebben vaak niet de (financiele) middelen om te investeren in
onderzoek naar nieuwe ontwikkelingen. Men is veelal geneigd om te
zeggen dat het nu goed gaat dus waarom zouden ze nu ineens
op een hogesnelheidslijn moeten overstappen? Het inzicht dat je
bíj moet blijven ontstaat heel langzaam. De transportwereld
is zeker nooit de voorloper bij technologische ontwikkelingen. De
voldoening is des te groter als je merkt dat vernieuwende ideeen
aanslaan, daarom is het een heel aangename omgeving en sector om
in en voor te werken...
|